De bank voor een wereld in verandering
5 min

De kos­ten van een kind van 6 tot 24 jaar

Wat kost een kind af­han­ke­lijk van de leef­tijd? En wat kost de school? Als die ver­plicht is tot 18 jaar en (bijna) gra­tis, hoe zit het dan met het hoger on­der­wijs? Welke on­kos­ten moet u bij­voor­beeld voor­zien als uw kind een kot wil huren? Hier volgt een kort over­zicht van het bud­get dat nodig is voor een kind van 6 tot 24 jaar.

Let op, geld lenen kost ook geld.
Om u een beter overzicht te geven, hebben we een budget per leeftijdsgroep opgesteld, naargelang uw kind lager, middelbaar of hoger onderwijs volgt. Het is geen verrassing, hoe ouder een kind wordt, hoe meer het kost.

6 tot 11 jaar School is gratis maar voorzie toch (on)kosten

Hoe­veel kost een kind van 6 tot 11 jaar per maand?

De ge­mid­del­de maan­de­lijk­se mi­ni­mum­kost voor een 6-​jarige be­draagt 408* euro en voor een 11-​jarige 493* euro. Voor de leef­tijds­groep van 6 tot 11 jaar is dat ge­mid­deld 451* euro per maand. Dit be­drag bevat geen spe­ci­fie­ke uit­ga­ven zoals kin­der­op­vang, on­der­wijs, me­di­sche kos­ten, sta­ges ...

Gra­tis ba­sis­on­der­wijs

In België geldt de leer­plicht vanaf 6 jaar (5 jaar sinds sep­tem­ber 2020). Uw kind zal één jaar kleu­ter­school en 6 jaar la­ge­re school moe­ten vol­gen. Dit is gra­tis en de school mag geen ver­goe­ding vra­gen. Toch zult u som­mi­ge kos­ten zelf moe­ten be­ta­len, zoals extra school­be­no­digd­he­den, warme maal­tij­den - als u wilt dat uw kind die krijgt - , op­vang voor of na school, uit­stap­jes en/of school­rei­zen. De ver­schil­len­de ge­meen­schap­pen zien erop toe dat deze be­dra­gen een be­paald bud­get niet over­schrij­den, zodat de school voor ie­der­een toe­gan­ke­lijk is. Bo­ven­dien wer­ken scho­len, bij­voor­beeld bij een school­reis, vaak op­los­sin­gen uit met ou­ders die het fi­nan­ci­eel moei­lij­ker heb­ben.

Voor­beeld op­vang
‘s Mor­gens: 1,2 euro per week
‘s Avonds (16.45 tot 18 u.): 0,75 euro per be­gon­nen half­uur

Voor­beeld maal­tijd
Soep : 0,66 euro
Vol­le­di­ge warme maal­tijd (soep, hoofd­scho­tel, des­sert): 3,33 euro
Be­wa­king: 0,25 euro per week

12 tot 17 jaar De prijs van de studies kan variëren

Hoe­veel kost een kind van 12 tot 17 jaar per maand?

De ge­mid­del­de maan­de­lijk­se mi­ni­mum­kost voor een 11-​jarige be­draagt 476* euro en voor een 17-​jarige 578* euro. Voor de leef­tijds­ca­te­go­rie van 12 tot 17 jaar is dat ge­mid­deld 553* euro per maand. Nog­maals, in dit be­drag zit­ten geen spe­ci­fie­ke uit­ga­ven zoals extra school­geld of uit­stap­jes, me­di­sche kos­ten ...

Gra­tis se­cun­dair on­der­wijs

De leer­plicht geldt tot 18 jaar (bur­ger­lij­ke meer­der­ja­rig­heid). Van 12 tot 17 jaar gaat uw kind naar de mid­del­ba­re school. Ook hier is dit gra­tis en mag de school geen ver­goe­din­gen vra­gen. Toch zult u ook hier be­paal­de kos­ten zelf moe­ten be­ta­len: school­be­no­digd­he­den (boe­ken, fo­to­ko­pieën), ac­ti­vi­tei­ten (the­a­ter, ex­cur­sies, school­reis­jes), ver­voers­kos­ten (bus bij­voor­beeld). Scho­len pro­be­ren een be­paald bud­get niet te over­schrij­den. Niet­te­min be­staat hier een fi­nan­ci­eel ver­schil naar ge­lang het soort stu­die. De kos­ten kun­nen hoger zijn bij tech­ni­sche of ar­tis­tie­ke oriënta­ties waar­voor uw kind spe­ci­fiek ma­te­ri­aal nodig heeft.

18 tot 24 jaar Met of zonder studies?

Hoe­veel kost een jong­vol­was­se­ne van 18 tot 24 jaar?

De ge­mid­del­de maan­de­lijk­se mi­ni­mum­kost voor een 18-​jarige be­draagt 612* euro en voor een 24-​jarige 715* euro. Voor de leef­tijds­groep van 18 tot 24 jaar is dat ge­mid­deld 663* euro per maand. Dit is zon­der be­paal­de kos­ten zoals me­di­sche uit­ga­ven en ook hoger on­der­wijs.

Hoger on­der­wijs is niet ver­plicht, maar het stelt uw kin­de­ren in staat hun ken­nis te ver­die­pen en hun kan­sen op de ar­beids­markt te ver­gro­ten. In 2020 had 47% van de 30- tot 34-​jarigen in België een di­plo­ma hoger on­der­wijs, 55,5% van de vrou­wen en 40,2% van de man­nen. Met een per­cen­ta­ge van 58,2% heeft Brus­sel het hoog­ste per­cen­ta­ge 30- tot 34-​jarigen met een ho­ge­re op­lei­ding. Dit per­cen­ta­ge be­draagt 49,3% in Vlaan­de­ren en 40,6% in Wal­lo­nië.

Van­daag wordt de kost­prijs van een jaar hoger on­der­wijs tus­sen de 8.000 en 12.000 euro ge­schat. Het in­schrij­vings­geld, studie-​ en an­de­re kos­ten, een kot... We zet­ten deze ver­schil­len­de kos­ten op een rij­tje.

Als uw kind een jaar in het bui­ten­land wil stu­de­ren, kunt u ons ar­ti­kel over dit on­der­werp lezen.

In­schrij­vings­geld of stu­die­geld

Bij uw in­schrij­ving be­taalt u stu­die­geld. Jaar­lijks be­pa­len de ho­ge­scho­len en uni­ver­si­tei­ten, op basis van een wet­te­lijk vast­ge­legd maxi­mum, het stu­die­geld voor hun op­lei­din­gen. Voor het stu­die­jaar 2020-​2021 va­ri­eer­de dit voor de ho­ge­scho­len tus­sen de 175 en 835 euro, voor een jaar aan de uni­ver­si­teit be­taal­de u ge­mid­deld zo’n 835 euro. Het be­drag van het stu­die­geld hangt af van het soort con­tract dat u af­sluit (diploma-​, credit-​ of exa­men­con­tract), het aan­tal stu­die­pun­ten waar­voor u in­schrijft en uw sta­tuut - een stu­dent met een stu­die­toe­la­ge be­taalt min­der stu­die­geld. Deze be­dra­gen wor­den jaar­lijks geïndexeerd.

Kos­ten

De bij­ko­men­de kos­ten zijn een van de fac­to­ren die de va­ri­a­tie tus­sen de 8.000 en 12.000 euro voor de ge­mid­del­de stu­die­jaar­kost ver­kla­ren. Uni­ver­si­tei­ten, ho­ge­scho­len en kunstho­ge­scho­len re­ke­nen naast het stu­die­geld ook kos­ten aan voor goe­de­ren en dien­sten die ze in­di­vi­du­eel per stu­dent le­ve­ren. Het gaat bij­voor­beeld om on­kos­ten voor de toe­gang tot en het ge­bruik van de bi­bli­o­theek, cur­sus­sen, syl­la­bi ... Ze variëren af­han­ke­lijk van het type op­lei­ding. Ze wegen in het al­ge­meen zwaar­der door voor op­lei­din­gen aan kunst­aca­de­mies (ar­chi­tec­tuur of mo­de­de­sign bij­voor­beeld), waar de stu­dent veel extra ma­te­ri­aal moet aan­ko­pen, naast dat wat de in­stel­ling aan­biedt.

Kot

Nog een zware kos­ten­post: het kot. Zal uw stu­dent bij u in de buurt stu­de­ren en kan hij ge­woon thuis blij­ven lo­ge­ren, of kiest u een stu­deer­plek ver­der weg en het huren van een kot? Kot, kamer, stu­dio, flat … meer­de­re for­mu­les zijn mo­ge­lijk. De huur­prij­zen kun­nen af­han­ke­lijk van de stad (bij­voor­beeld Brus­sel en Ant­wer­pen zijn duur­der dan Kort­rijk) sterk variëren, maar ook hoe dicht bij de ge­ko­zen on­der­wijs­in­stel­ling het kot ligt, de op­per­vlak­te, het com­fort, de be­schik­baar­heid van open­baar ver­voer ... be­pa­len de huur­prijs. Reken op 180 tot 500 euro per maand , of meer, want er is geen echte bo­ven­grens. Het hangt al­le­maal af van de eisen die u of uw stu­dent stel­len. De duur van een ‘stu­den­ten­huur­con­tract’ is vaak be­perkt tot 10 of 12 maan­den. Denk ook aan de no­di­ge ver­ze­ke­rin­gen. Soms dekt uw fa­mi­li­a­le ver­ze­ke­ring, zoals bij­voor­beeld de ver­ze­ke­ring Top Fa­mi­li­a­le (ver­ze­ke­ring Bur­ger­lij­ke Aan­spra­ke­lijk­heid), een AG-​product ver­deeld door BNP Pa­ri­bas For­tis, een kot. Een snel­le be­re­ke­ning leert dus dat de kost voor een kot al­leen al een extra bud­get vraagt van 1.800 tot 6.000 euro!

An­de­re kos­ten

Er zijn kos­ten voor het ver­voer. Uw stu­dent kan tot z’n 25e pro­fi­te­ren van kor­ting­ta­rie­ven op het open­baar ver­voer. Voor 18-​plussers wordt vaak een school­at­test ge­vraagd.

Ook de kos­ten voor het gsm-​abonnement, een even­tu­e­le wifi-​verbinding (vaak in­be­gre­pen bij de huur van een kot), eten, zak­geld en hobby’s of an­de­re ac­ti­vi­tei­ten, moet u mee­re­ke­nen.

Om snel een eer­ste idee te krij­gen van de kos­ten voor het hoger on­der­wijs, ge­bruikt u de cal­cu­la­tor van AG In­su­ran­ce.

Studietoelagen Studietoelagen en studieleningen

Stu­die­beurs

Een stu­die­toe­la­ge of stu­die­beurs is de fi­nan­ciële steun die de ge­meen­schap­pen ver­le­nen aan ‘kans­ar­me’ stu­den­ten. Om in aan­mer­king te komen, moet u aan be­paal­de voor­waar­den vol­doen, bij­voor­beeld een er­ken­de en fi­nan­cier­ba­re op­lei­ding aan een er­ken­de on­der­wijs­in­stel­ling vol­gen, een ge­zins­in­ko­men dat niet te hoog is … Toe­la­gen kunt u elk jaar aan­vra­gen voor het se­cun­dair en hoger on­der­wijs. Ze wor­den in prin­ci­pe niet te­rug­be­taald, be­hal­ve in bij­zon­de­re ge­val­len, zoals bij­voor­beeld het stop­zet­ten van de stu­die. De hoog­te van de toe­la­ge va­ri­eert, af­han­ke­lijk van het dos­sier, de si­tu­a­tie en de gel­den­de wet­ge­ving, tus­sen de 90 en 4.000 euro voor het se­cun­dair on­der­wijs en tus­sen de 400 en 5.000 euro voor het hoger on­der­wijs.

Stu­die­le­ning

De stu­die­le­ning is een vorm van fi­nan­ciële steun die kan ver­leend wor­den aan de ou­ders van de stu­dent of aan de meer­der­ja­ri­ge stu­dent zelf. Maar in te­gen­stel­ling tot de stu­die­toe­la­ge, is de stu­die­le­ning een steun die u moet te­rug­be­ta­len met in­te­rest. Mo­men­teel kent de Vlaam­se Ge­meen­schap geen stu­die­le­nin­gen toe. De Fran­se Ge­meen­schap kent wel stu­die­le­nin­gen toe aan de ou­ders van leer­lin­gen of aan meer­der­ja­ri­ge stu­den­ten. U kunt een le­ning aan­vra­gen in het mid­del­baar of hoger on­der­wijs. Leer­lin­gen van de Duits­ta­li­ge Ge­meen­schap kun­nen ook de stu­die­le­nin­gen van de Fran­se Ge­meen­schap en de pro­vin­cie Luik aan­vra­gen. Voor dit soort stu­die­le­nin­gen (le­ning op af­be­ta­ling) helpt uw bank u ook ver­der.

Is uw kind van plan om naar het hoger on­der­wijs te gaan?

Ho­ge­school, uni­ver­si­teit… Ho­ge­re stu­dies zijn vaak een kos­te­lij­ke zaak. Als u op zoek bent naar een ma­nier om deze kos­ten te fi­nan­cie­ren, be­kijk dan onze op­los­sin­gen voor le­nin­gen op af­be­ta­ling.

*Bron : Gezinsbond

AG Insurance NV – Jacqmainlaan 53, 1000 Brussel – RPR Brussel – btw BE 0404.494.849 – www.aginsurance.be. Verzekeringsonderneming toegelaten onder codenummer 0079, onder controle van de Nationale Bank van België, de Berlaimontlaan 14, 1000 Brussel.

Tussenpersoon: BNP Paribas Fortis NV – Warandeberg 3, B-1000 Brussel - RPR Brussel - BTW BE 0403.199.702, is ingeschreven onder dit nummer bij de FSMA, Congresstraat 12-14, 1000 Brussel, en handelt als verbonden agent, vergoed door commissies, voor AG Insurance NV BNP Paribas Fortis nv bezit een deelneming van meer dan 10% in AG Insurance NV.